Een paard dat tijdens het aansingelen wegduikt, minder vlot eet of prikkelbaar reageert, is niet per definitie koppig. Het kunnen signalen zijn van maagongemak. Bij maagzweren speelt voeding een belangrijke ondersteunende rol, maar de juiste aanpak begint altijd met goed kijken naar het hele paard: zijn gedrag, training, huisvesting, voerbeleid en medische geschiedenis.
Maagzweren komen niet alleen voor bij sportpaarden op intensief niveau. Ook recreatiepaarden, pony’s en paarden die tijdelijk stress ervaren, kunnen ermee te maken krijgen. Voeding kan maagzweren niet zelfstandig diagnosticeren of een noodzakelijke behandeling vervangen. Ze kan wel mee helpen om de maag minder vaak bloot te stellen aan zuur en om herstel en comfort te ondersteunen.
Waarom de paardenmaag gevoelig is
De maag van een paard is klein en maakt bijna voortdurend maagzuur aan, ook wanneer het paard niet eet. Dat past bij een dier dat van nature vele uren per dag kleine hoeveelheden vezelrijk voedsel opneemt. In een moderne stalroutine ontstaan echter soms lange perioden zonder ruwvoer, afgewisseld met grotere krachtvoergiften. Precies daar kan de maag onder druk komen te staan.
Het bovenste deel van de maag heeft minder natuurlijke bescherming tegen zuur dan het onderste deel. Wanneer een paard beweegt op een relatief lege maag, kan zure maaginhoud omhoog spatten. Vooral tijdens training, transport, veranderingen in de groep of een druk wedstrijdseizoen kan dat klachten versterken. Ook pijn elders in het lichaam, bepaalde medicatie en onderliggende gezondheidsproblemen kunnen een rol spelen.
Daarom is het weinig zinvol om alleen naar een pot supplement te kijken. De beste voedingsaanpak vertrekt vanuit de vraag: hoe lang staat dit paard zonder vezels, hoeveel zetmeel krijgt het, en past het rantsoen bij zijn werk en conditie?
Maagzweren bij paarden: voeding begint met ruwvoer
Voldoende ruwvoer is de basis. Tijdens het kauwen maakt een paard speeksel aan, dat een bufferende werking heeft in de maag. Hooi van goede kwaliteit en andere geschikte vezelbronnen zorgen bovendien voor meer kauwtijd dan een snel opgenomen krachtvoermaaltijd.
Idealiter heeft een paard zo veel mogelijk toegang tot passend ruwvoer, verdeeld over de dag en nacht. Niet elk paard kan onbeperkt eten – denk aan paarden met overgewicht, insulinedysregulatie of een verhoogd risico op hoefbevangenheid. Ook dan is een lange nuchtere periode doorgaans niet wenselijk. Met een slowfeeder, kleinere maaswijdte, een aangepaste ruwvoersoort of een doordacht weideschema kan de opname worden vertraagd zonder het totale rantsoen uit het oog te verliezen.
Let niet alleen op de hoeveelheid, maar ook op de kwaliteit. Stoffig, beschimmeld of erg grofstengelig ruwvoer is geen goede keuze. Laat ruwvoer bij twijfel analyseren, zeker wanneer je paard moeilijk op gewicht blijft, snel aankomt of gevoelig reageert op suiker en zetmeel. Een analyse geeft veel meer houvast dan enkel kijken naar kleur of geur.
Geef iets vezelrijks vóór het werk
Een kleine vezelrijke maaltijd vóór training kan voor veel paarden een praktisch verschil maken. Denk aan een portie hooi of een passende vezelbron die het paard goed verdraagt. Het doel is niet om het paard vlak voor het rijden zwaar te voeren, maar om te vermijden dat het intensief beweegt met een volledig lege maag.
De timing hangt af van het type werk, de individuele gevoeligheid en wat het paard gewend is. Een paard dat snel vol zit of gevoelig is voor koliek, vraagt om extra voorzichtigheid. Pas veranderingen geleidelijk toe en bespreek twijfel altijd met je dierenarts of voedingsadviseur.
Beperk grote porties zetmeel en krachtvoer
Krachtvoer is niet automatisch verkeerd. Een actief paard met een hoge energiebehoefte kan het nodig hebben om conditie, spiermassa en prestaties te behouden. Wel maakt de verdeling het verschil. Opteer graanvrije balancer of muesli gecombineerd met een ruwvoer brok of fijngehakselde vezels en verdeel deze over meerdere maaltijden.
Kijk daarom naar het volledige rantsoen en niet alleen naar het etiket van één product. Hoeveel energie haalt je paard al uit ruwvoer? Heeft het werkelijk extra krachtvoer nodig? Kan een deel van de energie komen uit goed verteerbare vezels of vetten, afhankelijk van het paard en zijn werk? Een rantsoen dat rustiger verteert, helpt vaak om pieken te vermijden.
Ook traktaties tellen mee. Een handje hier en daar lijkt onschuldig, maar wanneer een paard al veel suiker- of zetmeelrijke extra’s krijgt, wordt het totaalplaatje minder evenwichtig. Kies bewust en gebruik beloningen met mate, zeker bij paarden die naast maaggevoeligheid ook metabole aandachtspunten hebben.
Supplementen: ondersteuning, geen snelle oplossing
Er bestaan voedingssupplementen die gericht zijn op maagcomfort. Ze bevatten bijvoorbeeld bufferende bestanddelen, pectine, lecithine, kruiden of ingrediënten die de slijmvliesondersteuning helpen bevorderen. Bij sommige paarden kunnen ze een waardevolle aanvulling zijn, bijvoorbeeld tijdens stressvolle periodes, een wedstrijdweekend, transport of de overgang naar een ander voerregime.
Toch is een supplement geen vrijgeleide om een paard uren zonder hooi te laten staan of om grote krachtvoermaaltijden te blijven geven. Als de basis niet klopt, zal het effect vaak beperkt zijn. Kies bovendien niet uitsluitend op basis van marketingclaims. Kijk naar de samenstelling, de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid, de gebruiksduur en of het product past bij de specifieke situatie van je paard.
Een paard dat al duidelijke klachten vertoont, verdient meer dan experimenteren op eigen houtje. De dierenarts kan beoordelen of verder onderzoek, zoals een gastroscopie, aangewezen is. Dat is de betrouwbare manier om maagzweren vast te stellen, de locatie en ernst te beoordelen en een gerichte behandeling op te starten.
Signalen die je niet mag wegwuiven
Maagproblemen kunnen zich subtiel tonen. Het ene paard eet trager, het andere wordt singelnijdig, verliest conditie of reageert anders onder het zadel. Sommige paarden gapen veel, malen met de tanden, hebben wisselende mest of lijken sneller geïrriteerd tijdens het poetsen. Geen van die signalen bewijst op zichzelf dat er maagzweren zijn, want ze kunnen ook andere oorzaken hebben.
Neem veranderingen wel ernstig, zeker wanneer ze aanhouden of samengaan. Verminderde eetlust, terugkerende milde koliekverschijnselen, gewichtsverlies, duidelijke pijnreacties of gedragsverandering vragen om overleg met de dierenarts. Wacht niet tot een paard echt slecht eet of volledig uitvalt in training.
Maak een plan dat bij jouw paard past
Een goed voedingsplan voor een maaggevoelig paard is zelden ingewikkeld, maar het moet consequent zijn. Zorg eerst voor voldoende, veilig ruwvoer en beperk lange vastenperiodes. Verdeel graanvrij krachtvoer indien nodig over meerdere kleine giften, voorzie vezels rond het werk en voer wijzigingen stap voor stap door. Houd ook een eenvoudig dagboek bij van eetlust, mest, gedrag, training en momenten waarop klachten opvallen. Zo worden patronen sneller zichtbaar.
Vergeet de omgeving niet. Een paard dat voortdurend wordt weggejaagd aan het ruwvoer, weinig rust krijgt of spanning ervaart in de kudde, heeft mogelijk meer aanpassingen nodig dan alleen een ander voer. Voeding en management horen samen. Bij SYAN Health bekijken we daarom graag mee naar het volledige plaatje, zodat advies aansluit bij het paard dat voor je staat en niet alleen bij een etiket.
Een rustige voerplanning is geen luxe voor gevoelige paarden. Het is een dagelijkse vorm van zorg die de maag meer kansen geeft om comfortabel te functioneren – en die vaak ook zorgt voor een paard dat zich beter voelt, fijner beweegt en opnieuw met meer plezier meewerkt.



